We vormen een oude gangbare appel- en perenboomgaard om tot een divers, duurzaam en bloeiend voedselbos, met uiteindelijk meer dan 300 eetbare soorten op 3 hectare grond. 2ha van ons bos heeft hoofdfunctie productie van voedsel, voor restaurants, mensen uit de buurt, en kleinschalige verwerking. De overige 1ha, zijn we aan het vormen tot een educatief voedselbos, met behulp van een LEADER subsidie.
Een groot deel van het voedselbos is nu aangeplant, de eerste oogst komt op gang, en er komen steeds meer kinderen, jongeren én volwassen langs om te leren over voedselbossen.
Velics is het Voedselbos met Eductief doel in Lopikerwaard van ICSadviseurs.
Sinds 2022 bouwen we aan ons eigen voedselbos vol kennis, natuur en betrokkenheid. Samen met trouwe vrijwilligers en Stichting Duurzaam Lopikerwaard geven we vorm aan een groene omgeving die groeit met de tijd. Een ruimte voor educatie, voor onderzoek, voor vergroening, voor goed eten!
Een van de vragen die deze casestudie beantwoordt, is hoeveel bedrijven zoals Brandsma’s Pleats nodig zijn om een gebied te voorzien van melk, melkproducten, kaas, roomboter en roodvlees. Door de werkwijze en productiestromen inzichtelijk te maken, wordt een beter beeld geschetst van duurzame voedselproductie in relatie tot landgebruik ten behoeve van een duurzame korten keten.
De complete download kan hiernaast gedownload worden.
Deze casestudy heeft als doel inzicht te geven in de stromen van water, energie en voedsel binnen Brandsma’s Pleats. Het in kaart brengen van wat er nodig is om melk, kaas en vlees te produceren, en hoeveel mensen hiermee voorzien kunnen worden in hun voedselvraag, staat centraal. Daarnaast wordt de relatie tussen deze productie en het landgebruik onderzocht, zowel direct als indirect via voer dat van elders komt, maar ook de watervraag en energievraag worden als integraal onderdeel meegenomen.
De Pluimerije is een sociale voedseltuin in het prachtige Drentse landschap. Tussen de authentieke boswallen vind je drie hectare vol groenten, kruiden, bloemen, fruit, schapen, ganzen en kippen. Bij ons draait het om verbinding. Niet alleen met de natuur, ook met elkaar. De Pluimerije is een plek voor rust, bezinning en gezonde voeding. Doe ook mee! Kom helpen, kom kijken, kom proeven.
De avond startte met een introductie over Fryslân Bloeit, gevolgd door korte pitches van de partners. Daarna was er volop ruimte om langs de stands te lopen en verder in gesprek te gaan. Van kernteams die al meerdere Bloeiweken hebben georganiseerd tot startende teams die nog aan het verkennen zijn: het was een avond vol uitwisseling, nieuwe verbindingen en concrete ideeën. Extra mooi was dat er ook vijf nieuwe dorpen aanwezig waren.

Vooruitblik 18 februari
De volgende bijeenkomst is op woensdag 18 februari 2026 in De Bidler in Wergea. Het thema van deze avond is positieve gezondheid en Fryslân als BloeiZone. We staan stil bij wat dit thema kan betekenen voor Bloeiweken, delen voorbeelden uit de praktijk en gaan met elkaar in gesprek over kansen en vervolgstappen.
Of je nu al meerdere Bloeiweken hebt georganiseerd, net begint of nog twijfelt: je bent van harte welkom om mee te praten, ideeën uit te wisselen en inspiratie op te doen. Aanmelden kan door een mail te sturen naar Info@bloeit.frl of via deze link.

Over Fryslan Bloeit
Tenminste 25 Friese dorpen deden in 2025 mee aan de grootste editie van Fryslân Bloeit tot nu toe! Elk dorp vormt een week lang het epicentrum van de Friese verduurzaming. Met veel activiteiten door en voor de dorpen, laten ze in hun Bloeiweek zien hoe ze op een duurzame wijze omgaan met klimaat, mienskip, gezondheid en natuur. Fryslân Bloeit is een gezamenlijk initiatief van Freonen fan Fossylfrij Fryslân, Stichting Duurzame Gemeenschappen en Arcadia. Meer weten over Fryslan Bloeit? Kijk op Bloeit.frl
Op 14 januari kwamen geïnteresseerden en betrokkenen van Fryslan Bloeit samen in MFC De Helling in Winsum voor de Bloeimarkt. Een avond waarop dorpen en wijken in contact konden komen met meerdere partners die activiteiten en formats aanbieden voor Bloeiweken.
– Met de avontuurlijke speelplaats voor kinderen, de ‘snertplek’; het spelen met zand en water, het pad door het water, de wiebelbrug en…. en nog méér;
– Met het panoramische uitzicht vanaf de uitkijktoren naar de polder van de gemeente Haarlemmermeer en de vliegtuigen en…. en nog méér;
– Met de verschillende idylle’s waar veel vlindersoorten ‘gespot’ kunnen worden en…en nog méér;
– Met de pluktuin vol aardbeien en bessen en…en nog méér;
– Met een vuurplaats waar tot 22.00 uur warm genoten kan worden van en…. en nog méér;
– Met een rustkuil en…en nog méér;
– Met gezellige picknicktafels en bankjes her en der en…. en vooral méér!
* Doordat de paden breed en half verhard zijn, kunnen ook mensen in een rolstoel genieten van al het moois op De Bult.
Een stuk grond van 2 hectare waar genoten kan worden van een aangelegde natuurlijke omgeving. Een groene plek voor iedereen uit de gemeente Kaag en Braassem en daaromheen.
Dit artikel is gepubliceerd op Geografie.nl en geschreven door Carmen van Bruggen die promoveert op de rol van culturele gemeenschapsprojecten in Friese dorpen aan de Rijksuniversiteit Groningen in samenwerking met Arcadia.
Een vrouw raakt geïnspireerd in Eastermar, het Friese dorp waar ze werkt. De straten zijn versierd met door bewoners gehaakte bloemen en mensen komen samen om te sporten of kennis te delen. Ze noemen het een ‘Bloeiweek’. De vele bestaande initiatieven in het dorp zijn een week lang beter zichtbaar en mensen weten elkaar makkelijker te vinden. Zoiets wil de vrouw ook voor haar dorp Kollumersweach en het naastgelegen Feankleaster (hierna: ‘het dorp’). Vergeleken met Eastermar is haar dorp minder welvarend en groter, met drieduizend inwoners. Er is al best veel te doen, zoals een tweejaarlijkse feestweek, een jaarlijkse survivalrun, volle kerken en sportverenigingen, maar er bestaan verschillende groepen die als geheel minder met elkaar in contact lijken te staan. Bovendien neemt lang niet iedereen actief deel aan het dorpsleven. Wat zal er in haar dorp van de grond komen en wie zullen eraan deelnemen?
Frylân Bloeit
De Bloeiweken zijn een initiatief van duurzaamheidstichting Freonen fan Fossylfrij Fryslân en cultuurorganisatie Arcadia. Met ‘Fryslân Bloeit’ inspireren zij dorpen om ‘van Friesland een toekomstbestendige en duurzame provincie’ te maken (zie website). In 2025 doen bijna dertig dorpen in de provincie mee. De formule is simpel. Dorpen vullen een week met activiteiten geïnspireerd op de zogeheten blue zones, plekken in de wereld waar mensen gelukkig en gezond met elkaar samenleven en gemiddeld ouder worden. De invulling staat vrij, al kunnen dorpen voorbeelden uit eerdere edities overnemen. Hoewel op de website van Fryslân Bloeit duurzaamheid een centrale rol speelt, kan elk dorp zelf bepalen wat de boventoon voert. Op informatieavonden wisselen ze tips uit. Een leidend idee is om vanuit de eigen kracht te werken: vanuit bestaande verenigingen en clubs. Ter ondersteuning ligt er een format voor een eigen website, draaiboek en begroting klaar. Ook is er hulp bij het aanvragen van vergunningen. Voor elk dorp is 5000 euro beschikbaar, al benadrukt de organisatie het streven ‘met gesloten beurzen’ te werken.
Sociale leven
Van oudsher spelen clubs, verenigingen en kerken een belangrijke rol in het sociale leven in dorpen. Naast hun kernfunctie als plek voor sport, muziek of religie bieden ze doorgaans ook ruimte voor ontmoeting. Al sinds de jaren 1990 klinkt er echter bezorgdheid over het voortbestaan van deze sociale structuren. Zeker voor structurele vrijwilligerstaken zoals een bestuursfunctie is het steeds lastiger mensen te vinden. Terwijl er wel voldoende animo is voor tijdelijke, projectgerelateerde, vrijwilligersklussen. Mensen lijken meer aan vrijblijvendheid te hechten. Fryslân Bloeit brengt deze twee dingen samen. Enerzijds biedt het de kans sociale structuren in het dorp een impuls te geven, anderzijds is het een week voor experiment, om eens iets anders te proberen.
Lopend vuurtje
Terug naar het initiatief in Kollumersweach en Feankleaster. In december 2024 heeft zich een klein clubje enthousiastelingen om de vrouw heen verzameld, het kernteam. Ze komen ’s avonds samen bij een van hen. Het is het begin van wat een lopend vuurtje moet gaan worden. Op de dorpswebsite vinden ze een lijst met alle verenigingen: meerdere koren, een biljartvereniging en zelfs een vogelwacht. De groep spreekt af van elke vereniging en onderneming in het dorp iemand persoonlijk te benaderen voor de eerste dorpsbijeenkomst. De eigen netwerken van familie, buren en bestuursgenoten worden ingezet om mensen buiten de eigen kring te bereiken. Het lukt! Op de eerste dorpsbijeenkomst in januari 2025 zijn er ruim zestig mensen, onder wie voor het kernteam vele nieuwe gezichten. In de maanden die volgen, komen daar via flyers, sociale media en mond-tot-mondreclame steeds meer mensen bij. Onder hen een fietsenmaker, een voetbalcoach, een supermarktmedewerker en een galeriehouder – kernfiguren uit het dorp die allen eigen activiteiten organiseren.
Allerlei activiteiten
De Bloeiweek in mei 2025 biedt uiteindelijk 32 activiteiten. Het grootste deel is speciaal voor de gelegenheid georganiseerd en trekt dus per definitie nieuwe mensen. Het andere deel betreft activiteiten van al bestaande clubs. Hoewel deze altijd open staan voor nieuwe aanwas, hopen ze in de Bloeiweek extra zichtbaar te zijn, zodat mensen op een laagdrempelige manier kunnen aanwaaien, wat wellicht nieuwe leden oplevert.
Het programma omvat uiteenlopende activiteiten zoals een oldtimershow, tekenworkshop, theatervoorstelling, Friese pubquiz, kledingmarkt en BMX-fietsen. Een aantal organisatoren van de activiteiten is het hele jaar actief voor het dorp. Het zijn de zogeheten sleutelfiguren uit de literatuur. Wat opvalt is dat deze mensen geen van allen sterk op de voorgrond treden. Deze mensen lijken goed in het creëren van een podium of ruimte om iets te maken of te doen voor anderen. Ze brengen allemaal een eigen netwerk mee: van buren, vanuit het bedrijf, van familie of van allerlei mensen in het dorp.
Elkaar vinden
Op de boomrijke brink in het dorp staan een stuk of 25 oldtimers, trekkers en auto’s, opgesteld. Ervoor, op een klapstoeltje in de zon, de eigenaren. Aan wie dat wil, vertellen ze alles over de geschiedenis, laklagen en attributen van de wagens. Eén man heeft naast zijn trekker ook melkbussen verzameld en vertelt uitgebreid hoe het agrarische leven veranderd is. Een ander zingt jaren 60-nummers vanuit een oude kar. De sfeer is top. Op het eerste gezicht lijkt het misschien een gebruikelijk evenement – aan auto’s klussen is een populaire hobby in de regio – maar deze is wel speciaal. De auto- en trekkerbezitters komen namelijk allemaal uit het dorp zelf. Meestal zijn oldtimerevenementen iets voor de hele regio. Nu kan het zomaar zijn dat je ontdekt dat een andere verzamelaar een paar straten verderop woont. Onderling lijkt er inderdaad wat uitwisseling te zijn. Zo belooft een ervaren eigenaar eens langs te gaan bij een jongere man die pas net komt kijken. Ook de bezoekers – veelal uit het dorp zelf – zijn verbaasd dat dit allemaal in hun dorp te vinden is.

FOTO: STUDIO THERÈSA De oldtimershow op de Brink van Feankleaster.
Bij het BMX-fietsen is het ook druk. De organisator liep al langer rond met het idee.
Met zijn buren bouwde hij een pumptrackbaan – zo’n golvend geval waar je met een klein fietsje overheen kunt rijden zonder te trappen. De samenwerking met zijn buren bestond al, omdat ze doorgaans ook samen bouwen aan een wagen voor de feestweek. Tijdens de Bloeiweek kunnen alle kinderen van de basisschool in het dorp onder schooltijd BMX’en. ’s Avonds is de baan open voor wie wil. Er heerst een uitgelaten sfeer. Ouders hadden nooit verwacht dat hun kinderen dit durfden. De meesten kennen de sport niet. Voor volwassenen die zich (vaak minder soepel dan de kinderen) op de pumtrackbaan wagen, klinkt een aanmoedigend applaus. Ook de buren van de organisator zijn van de partij om te helpen met fietsjes uitdelen en helmen opzetten. ‘Dit zouden we vaker moeten doen’, zeggen mensen tegen elkaar. Zou er animo zijn voor een vaste BMX-installatie in deze regio van Friesland?

FOTO: PUMP ACTIE SPORT Basisschoolleerlingen kunnen onder schooltijd fietsen op de pumptrackbaan.
Vaste clubs
Onder de vaste clubs die aan het programma deelnemen, zijn een koor met een open repetitie, een ouderenclub, een eetclub en een pilatesstudio. Hoewel het idee is dat tijdens de Bloeiweek ook niet-leden de weg naar deze activiteiten zullen vinden, komt dit maar beperkt uit de verf. Sommige clubs concluderen dat ze gewoon weer met het gebruikelijke groepje zijn. Een uitzondering hierop vormen de gratis pilateslessen; vanwege de populariteit worden er zelfs extra uren ingepland. De instructrice is kortgeleden in het dorp komen wonen en geeft de lessen op een camping. De Bloeiweek lijkt net dat zetje te hebben ggeven aan mensen om eens te gaan kijken. Op de open koorrepititie komen zo’n vijftien buitenstaanders af. Dat kunnen ook bekenden van het koor zijn, die het leuk vinden hun vriend of familielid eens te horen zingen. Dus of dit nieuwe leden oplevert?

FOTO: STUDIO THERÈSA Auteur Carmen van Bruggen
Enquête
Een enquête na de Bloeiweek laat zien dat over het geheel genomen de deelnemende bewoners erg positief zijn. Ze concluderen dat er ‘voor ieder wat wils’ was en dat ze tijd tekort kwamen om aan alles mee te doen. Een paar mensen benadrukken dat ze dit type activiteiten nog niet kenden in het dorp. En dat dit beter bij hen past dan de traditionele feestweek, waarin het versieren van wagens centraal staat. Sommigen vragen zich af of iedereen in het dorp wel op de hoogte was van de Bloeiweek. Een ander zet vraagtekens bij het betrekken van de kerk bij de Bloeiweek. Misschien denken niet-kerkelijke mensen wel dat het niet voor hen bedoeld is. Een boeiend punt, want in het dorp valt regelmatig te beluisteren dat de kerkelijken en niet-kerkelijken twee kampen zijn die min of meer langs elkaar heen leven. Maar uit de enquête blijkt dat de Bloeiweek door zowel kerkelijken als niet-kerkelijken is georganiseerd en bezocht. En ontmoetingen tussen beide groepen zijn er zeker geweest, vooral bij de niet-kerkelijke evenementen. Maar activiteiten in het kerkgebouw – zelfs die niet van de kerk uitgingen maar daar plaatsvonden omdat er geen huur werd gevraagd – trokken bijna uitsluitend kerkelijken.
De meeste mensen die de Bloeiweek bezochten, kenden veel van de andere bezoekers. Slechts één dorpeling zegt geen anderen te kennen. Er is ook nieuw contact. Uit de helft van alle antwoorden blijkt dat er nieuwe ontmoetingen zijn geweest. Dat gebeurde relatief veel bij de culturele activiteiten in vergelijking met eet- of sportactiviteiten. Of je cultuur nu heel beperkt definieert, zoals theater, muziek of beeldende kunst, of heel breed, zoals een oldtimershow, pubquiz of taalcursus. Tijdens al deze evenementen vonden relatief veel nieuwe ontmoetingen plaats. De activiteiten in de beperkte definitie van cultuur lijken wel een selectiever publiek te trekken, namelijk relatief veel mensen die een hbo- of wo-studie hebben afgerond. Dat geldt in het algemeen voor dit type cultuurbezoek. Voor cultuur in de brede zin en voor eet- en sportactiviteiten is dit minder het geval.
Veelbelovend concept
Wat kunnen andere dorpen leren van het verloop van deze Bloeiweek? Veelbelovend aan het concept is de potentie om vaste sociale structuren open te breken en toegankelijker te maken. Toch gebeurde dit in het dorp niet in alle gevallen. De bestaande clubs trokken immers weinig nieuwe mensen. Het enkel zichtbaar maken van bestaande activiteiten leidt niet vanzelfsprekend tot nieuwe bezoekers. Bij de pilateslessen gebeurde dit wel. Volgens de instructrice zijn er maar liefst twintig mensen vanuit de Bloeiweek ‘blijven plakken’. Interessant is daarbij te vermelden dat zij niet werkt met een ledenstructuur, maar met een strippenkaart. In die zin sluit pilates – net als andere trainingen gericht op fitness en gezondheid – meer aan bij de groeiende behoefte aan vrijblijvende deelname.
De speciaal georganiseerde evenementen waren een succes. Sommige ideeën bestonden al lang en leken enkel een geschikt moment nodig te hebben – de Bloeiweek – om tot uiting te komen. In dat opzicht kan de structuur die een Bloeiweek biedt, net dat laatste zetje geven om te realiseren wat al onder de oppervlakte leeft. Hoewel de meeste activiteiten in principe eenmalig waren, rusten ze op de bestaande sociale structuur. Het mooie aan de Bloeiweek van Kollumersweach en Feankleaster was, dat iedereen bij de informele netwerken kon aanhaken – al was het maar voor even. Wie hiervan gebruik hebben gemaakt en wie niet, en wat dit betekent voor de verbinding in het dorp, moet het vervolgonderzoek uitwijzen.
Over de auteur: Carmen van Bruggen promoveert op de rol van culturele gemeenschapsprojecten in Friese dorpen aan de Rijksuniversiteit Groningen in samenwerking met Arcadia. Het onderzoek naar de Bloeiweek van Kollumersweach en Feankleaster is een deelproject. Het gaat om een langdurige studie met drie enquêterondes en observaties. De enquêtes worden ruim voor aanvang van de Bloeiweek, net erna en twee jaar erna gehouden. De eerste twee en de observaties zijn inmiddels afgerond. Daarop is dit artikel gebaseerd. In de eerste en laatste enquête wordt het hele dorp benaderd: deelnemers én niet-deelnemers. Zo ontstaat een beeld van de impact van de Bloeiweek die voorbij gaat aan het moment en de deelnemers van de week.
Het originele artikel is te vinden op Geografie.nl.
Tijdens de Bloeiweken in Friesland organiseren dorpsbewoners samen activiteiten om van hun woonplaats een blue zone te maken, waar het fijn en gezond samenleven is.
Met voedselcollectief de Kans doen we samen biologische boodschappen bij biologische producenten van zo dichtbij mogelijk. Gezond voedsel uit de regio, waarmee we ook nog eens biologische boeren en producenten vooruit helpen.
Missie – we willen:
Biologische en zo lokaal mogelijke voedselproductie en -consumptie stimuleren.
Een beter verdienmodel voor boeren en meer grip op ons voedselsysteem.
Leden van het voedselcollectie meenemen in de transitie naar biologisch voedsel als de norm.
Strategie – dit doen we door:
Een korte keten te bouwen: we verwijderen grote bedrijven zoals Friesland Campina of de supermarkten als tussenschakel en zijn zo direct mogelijk verbonden met biologische boeren.
Als gemeenschap te leren door samen te doen: meer grip op het voedselsysteem krijg je niet in je eentje. Als collectief staan we sterker en met wat we kopen hebben we invloed. Samen leren we en zetten we praktische stappen vooruit.
Bio vanzelfsprekend en toegankelijk te maken: SKAL-gecertificeerd biologische producten zijn de norm. We proberen biologisch eten vanzelfsprekend én toegankelijk te maken.
Comfort te bieden: je bestelt uit een breed aanbod (regionale producenten én de bio-groothandel), via een webshop, en haalt je producten op bij Tuin Kansrijk.
Tekst en afbeelding afkomstig van Kansrijk.nl.
Een groep oogsters van zelfoogsttuin Kansrijk heeft voedselcollectief de Kans opgericht. Het doel is simpel: samen biologische boodschappen doen bij zo lokaal mogelijke biologische producenten, in aanvulling op de oogst van tuin Kansrijk. Nóg meer gezond voedsel uit de regio, waarmee we ook nog eens biologische Utrechtse boeren en producenten vooruit helpen. De boodschappen worden bezorgd vlakbij de tuin.
Tuin Kansrijk is een postzegel op de aarde en toch is wat hier gebeurt verweven met de uithoeken van de wereld. Grote thema’s als klimaatverandering, het afvalprobleem, uitbuiting, true pricing, gemeenschap en biodiversiteit zijn op de tuin in het klein terug te vinden.
Op de tuin staat de zorg voor een gezonde bodem centraal. We zijn terughoudend met grondkering, ploegen niet en lopen alleen op de paden. We voeden het bodemleven en houden de grond bedekt, ook als deze niet in gebruik is. Daarnaast telen we gewassen die stikstof vastleggen en de bodemstructuur verbeteren. Een gezonde bodem is veerkrachtig en weerbaar, zodat deze ziektes en plagen, droogte en overstroming het hoofd kan bieden.
Op de tuin voeden we niet alleen mensen, maar ook bijen, vlinders, vogels en egels. Zo houden we het natuurlijke evenwicht in stand. Hoe meer beestjes hoe beter, er is genoeg voor iedereen. Gelukkig groeien de worteltjes niet in plastic en hoeven ze ook niet ver te reizen. Met je oogstaandeel draag je bij aan korte transportwegen, produceer je geen afval, wordt niets opgeslagen en gaat het ook niet over datum. En oh ja, je oogstaandeel is vrij van slaven- en kinderarbeid.
Tekst en afbeeldingen afkomstig van TuinKansrijk.nl.
Kansrijk is een gemeenschap die duurzaam lokaal voedsel produceert. Dat betekent voor ons niet alleen ecologisch (goed zorgen voor bodem en biodiversiteit) en economisch (een goed inkomen voor de boer en betaalbaar voor zoveel mogelijk mensen), maar ook sociaal duurzaam.
Met relatief weinig enthousiaste vrijwilligers is er veel werk verzet. De tuin, rond en verdeeld in taartpunten ligt er prima bij en heeft dit jaar al veel groenten opgeleverd. Vruchtbomen zijn gepland en moeten nog even wennen aan hun nieuwe stekje. Klaar? Nee, nog bij lange niet. Er komt nog een sprekende entree en kas, de container en keet worden nog natuurlijk opgepimpt, méér fruitbomen en struiken, méér bloemen en wij zijn immer bezig met de biodiversiteit te optimaliseren. Kortom…nog veel werk te doen maar dat gebeurt met veel liefde en passie!
In 2024 een aanvang gemaakt en dit jaar grotendeels gerealiseerd…onze mooie eigen ecologische dorpstuin!
De toolkit is gebaseerd op de rapportage “Bloeizone in Fryslân”. Het FSP heeft voor deze rapportage elf lokale Bloeizone-initiatieven geïnterviewd. Verder is er input geleverd vanuit drie focusgroepen met ambtenaren uit heel Fryslân die betrokken zijn bij het Bloeizone-concept. De interviews en focusgroepen hebben plaatsgevonden in het jaar 2022. Daarnaast is er een aanvulling met relevante literatuur, dit wordt aangegeven met een verwijzing.
In Fryslân ontstaan steeds meer Bloeizone-initiatieven, oftewel burgerinitiatieven met actieve inwoners die samen hun omgeving aanpassen om langer in goede gezondheid en welzijn te leven. Dit doen ze vanuit hun eigen perspectief en met activiteiten die aansluiten bij hun omgeving. Voor gemeenten is het ondersteunen van deze initiatieven een kans om gezamenlijk de transitie te maken naar een doe-democratie.
Deze toolkit helpt gemeenten om het gesprek te voeren met Bloeizone-initiatiefnemers en samen concrete acties te formuleren. De onderdelen bevatten actuele uitdagingen bij Bloeizone-initiatieven en praktische mogelijkheden om (gezamenlijk) het probleem aan te pakken.
De complete toolkit kan hiernaast gedownload worden. Kijk ook op Bloeit.frl voor meer over Bloei initiatieven.
Deze toolkit ‘ondersteuning bij Bloeizone-initiatieven’ helpt gemeenten bij hun werkzaamheden om Bloeizone-initiatieven te motiveren of faciliteren bij het gezonder en gelukkiger maken van hun dorp of wijk. Bijvoorbeeld door initiatieven te ondersteunen bij subsidieaanvragen of om het aanvraagproces aan te pakken. Of door het aanstellen van een centraal contactpersoon waardoor initiatiefnemers gemakkelijker in contact kunnen komen met de gemeente.
Volgende pagina »