Platform voor duurzame initiatieven voor en door de gemeenschap
Fryslân Bloeit wint Michel Poulain Award op Blue Zone Festival
De Bloeiweken richten zich op het bevorderen van welzijn, vitaliteit en gemeenschap in Fryslân en sluiten daarmee aan bij de principes van de zogenoemde Blue Zones: gebieden in de wereld waar mensen aantoonbaar langer en gezonder leven.
Fryslân Bloeit is een regionaal initiatief dat zich richt op het versterken van brede welvaart in de provincie Fryslân. De Bloeiweken zijn een uitnodiging aan iedereen in het dorp om samen zichtbaar te maken wat er al leeft, groeit en verbindt. Gedurende deze weken krijgen bewoners, lokale organisaties en ondernemers de ruimte om ideeën tot bloei te laten komen en samen te werken aan een sterke, levendige gemeenschap. Het concept is eenvoudig maar krachtig: door lokaal initiatief te stimuleren ontstaat een beweging die mensen samenbrengt en nieuwe energie geeft aan dorpen en wijken.
Het initiatief vond zijn oorsprong in Bakkeveen, waar rondom een lokale huisarts een bloeizone ontstond. Daar zag Bouwe de Boer met eigen ogen hoe een gemeenschap tot bloei kan komen wanneer gezondheid en verbinding centraal staan. Geïnspireerd door deze ervaring besloot hij samen met het Fryslân Bloeit-team deze aanpak verder te ontwikkelen en breder in de provincie toe te passen.
Op het moment dat de prijs werd uitgereikt in Amersfoort, was De Boer in Leeuwarden, in het Fries Natuurmuseum, waar hij samen met een zaal vol bloeidorpen en lokale partners werkte aan nieuwe Bloeiweken. Daar kwam via een appbericht het nieuws binnen dat Johannes Lankester, penvoerder van het initiatief, de prijs in ontvangst had genomen. Op de foto die volgde, met de bokaal in zijn handen, barstte in de zaal in Leeuwarden spontaan gejuich los.
“Het is een grote eer om Fryslân Bloeit en al deze initiatieven te mogen vertegenwoordigen,” aldus Lankester. “Dat het zo goed wordt ontvangen in de rest van Nederland, geeft vertrouwen dat we samen nog veel meer Bloeiweken kunnen realiseren.”
Volgens De Boer laat het moment precies zien waar Fryslân Bloeit voor staat. “Dit is waar we het voor doen. Het gebeurt in de dorpen, met elkaar, met de mienskip. Deze prijs is van iedereen die meedoet en bijdraagt aan een bloeiend Fryslân.”
De Michel Poulain Award is vernoemd naar demograaf Michel Poulain, die aan de basis stond van het Blue Zone-concept. Met de prijs worden initiatieven erkend die bijdragen aan gezondheid en leefkwaliteit
Fryslân Bloeit heeft woensdagavond 15 april de Michel Poulain Award gewonnen tijdens het Blue Zone Festival in Amersfoort. De prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan een inspirerend initiatief dat zich inzet voor de ontwikkeling van gezondere, duurzamere en meer verbonden leefomgevingen. Binnen de categorie maatschappelijke initiatieven eindigde Fryslân Bloeit als eerste, uit een veld van 35 deelnemers.
Lokaal Ondernemen in Dorpscontext
De Vlaamse Vereniging van Dorpsbelangen zette tot nog toe de samenwerking tussen dorpsteams onderling en tussen dorpsteams en hun lokaal bestuur centraal. Maar de vereniging wil naast enkel ‘lineair’ ook meer in onderstaande driehoek werken. Daarbij kunnen nieuwe dynamieken in dorpen opgemerkt worden of ontstaan, of bestaande dynamieken opgepakt worden. Het gaat hierbij specifiek om dynamieken die de leefbaarheid, levendigheid en toekomstbestendigheid van dorpen en buurten sterk positief kunnen beïnvloeden.
Ondernemers getuigen van lokale economische veerkracht en laten nieuwe oplossingen geboren worden. Daarbij is oud soms eens het nieuwe nieuw, zoals de terugkeer van ambachten. Toch gaan we het oude niet hernemen. We broeden als sociaal ondernemers op nieuwe vormen om ons te verhouden tot de grote uitdagingen in de wereld. We vinden visie en missie belangrijk, willen intergenerationeel samenwerken, kansen voor nieuwe generaties scheppen.
Hoe kunnen we onszelf als systeem herontdekken/heruitvinden? Al onze basisbehoeften worden nu door grote bedrijven geregeld. Wat als dat niet meer zo zou zijn?
De Vlaamse Vereniging van Dorpsbelangen lanceert een inspiratiebrochure rond lokaal ondernemen in lokale en micro-lokale omgeving als resultaat van de samenwerking tussen burgergroepen, besturen en professionals.
Terugblik Bloeimarkt 14 januari
De avond startte met een introductie over Fryslân Bloeit, gevolgd door korte pitches van de partners. Daarna was er volop ruimte om langs de stands te lopen en verder in gesprek te gaan. Van kernteams die al meerdere Bloeiweken hebben georganiseerd tot startende teams die nog aan het verkennen zijn: het was een avond vol uitwisseling, nieuwe verbindingen en concrete ideeën. Extra mooi was dat er ook vijf nieuwe dorpen aanwezig waren.
Vooruitblik 18 februari
De volgende bijeenkomst is op woensdag 18 februari 2026 in De Bidler in Wergea. Het thema van deze avond is positieve gezondheid en Fryslân als BloeiZone. We staan stil bij wat dit thema kan betekenen voor Bloeiweken, delen voorbeelden uit de praktijk en gaan met elkaar in gesprek over kansen en vervolgstappen.
Of je nu al meerdere Bloeiweken hebt georganiseerd, net begint of nog twijfelt: je bent van harte welkom om mee te praten, ideeën uit te wisselen en inspiratie op te doen. Aanmelden kan door een mail te sturen naar Info@bloeit.frl of via deze link.
Over Fryslan Bloeit
Tenminste 25 Friese dorpen deden in 2025 mee aan de grootste editie van Fryslân Bloeit tot nu toe! Elk dorp vormt een week lang het epicentrum van de Friese verduurzaming. Met veel activiteiten door en voor de dorpen, laten ze in hun Bloeiweek zien hoe ze op een duurzame wijze omgaan met klimaat, mienskip, gezondheid en natuur. Fryslân Bloeit is een gezamenlijk initiatief van Freonen fan Fossylfrij Fryslân, Stichting Duurzame Gemeenschappen en Arcadia. Meer weten over Fryslan Bloeit? Kijk op Bloeit.frl
Op 14 januari kwamen geïnteresseerden en betrokkenen van Fryslan Bloeit samen in MFC De Helling in Winsum voor de Bloeimarkt. Een avond waarop dorpen en wijken in contact konden komen met meerdere partners die activiteiten en formats aanbieden voor Bloeiweken.
Natuurbelevingstuin De Bult
Natuurbelevingstuin De Bult is dé natuurbelevingstuin van Kaag en Braassem.
– Met de avontuurlijke speelplaats voor kinderen, de ‘snertplek’; het spelen met zand en water, het pad door het water, de wiebelbrug en…. en nog méér;
– Met het panoramische uitzicht vanaf de uitkijktoren naar de polder van de gemeente Haarlemmermeer en de vliegtuigen en…. en nog méér;
– Met de verschillende idylle’s waar veel vlindersoorten ‘gespot’ kunnen worden en…en nog méér;
– Met de pluktuin vol aardbeien en bessen en…en nog méér;
– Met een vuurplaats waar tot 22.00 uur warm genoten kan worden van en…. en nog méér;
– Met een rustkuil en…en nog méér;
– Met gezellige picknicktafels en bankjes her en der en…. en vooral méér!
De Bult is een plek waar genoten kan worden van een groene omgeving en zijn bewoners, door jong en oud.
* Doordat de paden breed en half verhard zijn, kunnen ook mensen in een rolstoel genieten van al het moois op De Bult.
Een stuk grond van 2 hectare waar genoten kan worden van een aangelegde natuurlijke omgeving. Een groene plek voor iedereen uit de gemeente Kaag en Braassem en daaromheen.
Verenigingen versterken of tijd voor iets nieuws
Dit artikel is gepubliceerd op Geografie.nl en geschreven door Carmen van Bruggen die promoveert op de rol van culturele gemeenschapsprojecten in Friese dorpen aan de Rijksuniversiteit Groningen in samenwerking met Arcadia.
Een vrouw raakt geïnspireerd in Eastermar, het Friese dorp waar ze werkt. De straten zijn versierd met door bewoners gehaakte bloemen en mensen komen samen om te sporten of kennis te delen. Ze noemen het een ‘Bloeiweek’. De vele bestaande initiatieven in het dorp zijn een week lang beter zichtbaar en mensen weten elkaar makkelijker te vinden. Zoiets wil de vrouw ook voor haar dorp Kollumersweach en het naastgelegen Feankleaster (hierna: ‘het dorp’). Vergeleken met Eastermar is haar dorp minder welvarend en groter, met drieduizend inwoners. Er is al best veel te doen, zoals een tweejaarlijkse feestweek, een jaarlijkse survivalrun, volle kerken en sportverenigingen, maar er bestaan verschillende groepen die als geheel minder met elkaar in contact lijken te staan. Bovendien neemt lang niet iedereen actief deel aan het dorpsleven. Wat zal er in haar dorp van de grond komen en wie zullen eraan deelnemen?
Frylân Bloeit
De Bloeiweken zijn een initiatief van duurzaamheidstichting Freonen fan Fossylfrij Fryslân en cultuurorganisatie Arcadia. Met ‘Fryslân Bloeit’ inspireren zij dorpen om ‘van Friesland een toekomstbestendige en duurzame provincie’ te maken (zie website). In 2025 doen bijna dertig dorpen in de provincie mee. De formule is simpel. Dorpen vullen een week met activiteiten geïnspireerd op de zogeheten blue zones, plekken in de wereld waar mensen gelukkig en gezond met elkaar samenleven en gemiddeld ouder worden. De invulling staat vrij, al kunnen dorpen voorbeelden uit eerdere edities overnemen. Hoewel op de website van Fryslân Bloeit duurzaamheid een centrale rol speelt, kan elk dorp zelf bepalen wat de boventoon voert. Op informatieavonden wisselen ze tips uit. Een leidend idee is om vanuit de eigen kracht te werken: vanuit bestaande verenigingen en clubs. Ter ondersteuning ligt er een format voor een eigen website, draaiboek en begroting klaar. Ook is er hulp bij het aanvragen van vergunningen. Voor elk dorp is 5000 euro beschikbaar, al benadrukt de organisatie het streven ‘met gesloten beurzen’ te werken.
Sociale leven
Van oudsher spelen clubs, verenigingen en kerken een belangrijke rol in het sociale leven in dorpen. Naast hun kernfunctie als plek voor sport, muziek of religie bieden ze doorgaans ook ruimte voor ontmoeting. Al sinds de jaren 1990 klinkt er echter bezorgdheid over het voortbestaan van deze sociale structuren. Zeker voor structurele vrijwilligerstaken zoals een bestuursfunctie is het steeds lastiger mensen te vinden. Terwijl er wel voldoende animo is voor tijdelijke, projectgerelateerde, vrijwilligersklussen. Mensen lijken meer aan vrijblijvendheid te hechten. Fryslân Bloeit brengt deze twee dingen samen. Enerzijds biedt het de kans sociale structuren in het dorp een impuls te geven, anderzijds is het een week voor experiment, om eens iets anders te proberen.
Lopend vuurtje
Terug naar het initiatief in Kollumersweach en Feankleaster. In december 2024 heeft zich een klein clubje enthousiastelingen om de vrouw heen verzameld, het kernteam. Ze komen ’s avonds samen bij een van hen. Het is het begin van wat een lopend vuurtje moet gaan worden. Op de dorpswebsite vinden ze een lijst met alle verenigingen: meerdere koren, een biljartvereniging en zelfs een vogelwacht. De groep spreekt af van elke vereniging en onderneming in het dorp iemand persoonlijk te benaderen voor de eerste dorpsbijeenkomst. De eigen netwerken van familie, buren en bestuursgenoten worden ingezet om mensen buiten de eigen kring te bereiken. Het lukt! Op de eerste dorpsbijeenkomst in januari 2025 zijn er ruim zestig mensen, onder wie voor het kernteam vele nieuwe gezichten. In de maanden die volgen, komen daar via flyers, sociale media en mond-tot-mondreclame steeds meer mensen bij. Onder hen een fietsenmaker, een voetbalcoach, een supermarktmedewerker en een galeriehouder – kernfiguren uit het dorp die allen eigen activiteiten organiseren.
Allerlei activiteiten
De Bloeiweek in mei 2025 biedt uiteindelijk 32 activiteiten. Het grootste deel is speciaal voor de gelegenheid georganiseerd en trekt dus per definitie nieuwe mensen. Het andere deel betreft activiteiten van al bestaande clubs. Hoewel deze altijd open staan voor nieuwe aanwas, hopen ze in de Bloeiweek extra zichtbaar te zijn, zodat mensen op een laagdrempelige manier kunnen aanwaaien, wat wellicht nieuwe leden oplevert.
Het programma omvat uiteenlopende activiteiten zoals een oldtimershow, tekenworkshop, theatervoorstelling, Friese pubquiz, kledingmarkt en BMX-fietsen. Een aantal organisatoren van de activiteiten is het hele jaar actief voor het dorp. Het zijn de zogeheten sleutelfiguren uit de literatuur. Wat opvalt is dat deze mensen geen van allen sterk op de voorgrond treden. Deze mensen lijken goed in het creëren van een podium of ruimte om iets te maken of te doen voor anderen. Ze brengen allemaal een eigen netwerk mee: van buren, vanuit het bedrijf, van familie of van allerlei mensen in het dorp.
Elkaar vinden
Op de boomrijke brink in het dorp staan een stuk of 25 oldtimers, trekkers en auto’s, opgesteld. Ervoor, op een klapstoeltje in de zon, de eigenaren. Aan wie dat wil, vertellen ze alles over de geschiedenis, laklagen en attributen van de wagens. Eén man heeft naast zijn trekker ook melkbussen verzameld en vertelt uitgebreid hoe het agrarische leven veranderd is. Een ander zingt jaren 60-nummers vanuit een oude kar. De sfeer is top. Op het eerste gezicht lijkt het misschien een gebruikelijk evenement – aan auto’s klussen is een populaire hobby in de regio – maar deze is wel speciaal. De auto- en trekkerbezitters komen namelijk allemaal uit het dorp zelf. Meestal zijn oldtimerevenementen iets voor de hele regio. Nu kan het zomaar zijn dat je ontdekt dat een andere verzamelaar een paar straten verderop woont. Onderling lijkt er inderdaad wat uitwisseling te zijn. Zo belooft een ervaren eigenaar eens langs te gaan bij een jongere man die pas net komt kijken. Ook de bezoekers – veelal uit het dorp zelf – zijn verbaasd dat dit allemaal in hun dorp te vinden is.
FOTO: STUDIO THERÈSA De oldtimershow op de Brink van Feankleaster.
Bij het BMX-fietsen is het ook druk. De organisator liep al langer rond met het idee.
Met zijn buren bouwde hij een pumptrackbaan – zo’n golvend geval waar je met een klein fietsje overheen kunt rijden zonder te trappen. De samenwerking met zijn buren bestond al, omdat ze doorgaans ook samen bouwen aan een wagen voor de feestweek. Tijdens de Bloeiweek kunnen alle kinderen van de basisschool in het dorp onder schooltijd BMX’en. ’s Avonds is de baan open voor wie wil. Er heerst een uitgelaten sfeer. Ouders hadden nooit verwacht dat hun kinderen dit durfden. De meesten kennen de sport niet. Voor volwassenen die zich (vaak minder soepel dan de kinderen) op de pumtrackbaan wagen, klinkt een aanmoedigend applaus. Ook de buren van de organisator zijn van de partij om te helpen met fietsjes uitdelen en helmen opzetten. ‘Dit zouden we vaker moeten doen’, zeggen mensen tegen elkaar. Zou er animo zijn voor een vaste BMX-installatie in deze regio van Friesland?
FOTO: PUMP ACTIE SPORT Basisschoolleerlingen kunnen onder schooltijd fietsen op de pumptrackbaan.
Vaste clubs
Onder de vaste clubs die aan het programma deelnemen, zijn een koor met een open repetitie, een ouderenclub, een eetclub en een pilatesstudio. Hoewel het idee is dat tijdens de Bloeiweek ook niet-leden de weg naar deze activiteiten zullen vinden, komt dit maar beperkt uit de verf. Sommige clubs concluderen dat ze gewoon weer met het gebruikelijke groepje zijn. Een uitzondering hierop vormen de gratis pilateslessen; vanwege de populariteit worden er zelfs extra uren ingepland. De instructrice is kortgeleden in het dorp komen wonen en geeft de lessen op een camping. De Bloeiweek lijkt net dat zetje te hebben ggeven aan mensen om eens te gaan kijken. Op de open koorrepititie komen zo’n vijftien buitenstaanders af. Dat kunnen ook bekenden van het koor zijn, die het leuk vinden hun vriend of familielid eens te horen zingen. Dus of dit nieuwe leden oplevert?
FOTO: STUDIO THERÈSA Auteur Carmen van Bruggen
Enquête
Een enquête na de Bloeiweek laat zien dat over het geheel genomen de deelnemende bewoners erg positief zijn. Ze concluderen dat er ‘voor ieder wat wils’ was en dat ze tijd tekort kwamen om aan alles mee te doen. Een paar mensen benadrukken dat ze dit type activiteiten nog niet kenden in het dorp. En dat dit beter bij hen past dan de traditionele feestweek, waarin het versieren van wagens centraal staat. Sommigen vragen zich af of iedereen in het dorp wel op de hoogte was van de Bloeiweek. Een ander zet vraagtekens bij het betrekken van de kerk bij de Bloeiweek. Misschien denken niet-kerkelijke mensen wel dat het niet voor hen bedoeld is. Een boeiend punt, want in het dorp valt regelmatig te beluisteren dat de kerkelijken en niet-kerkelijken twee kampen zijn die min of meer langs elkaar heen leven. Maar uit de enquête blijkt dat de Bloeiweek door zowel kerkelijken als niet-kerkelijken is georganiseerd en bezocht. En ontmoetingen tussen beide groepen zijn er zeker geweest, vooral bij de niet-kerkelijke evenementen. Maar activiteiten in het kerkgebouw – zelfs die niet van de kerk uitgingen maar daar plaatsvonden omdat er geen huur werd gevraagd – trokken bijna uitsluitend kerkelijken.
De meeste mensen die de Bloeiweek bezochten, kenden veel van de andere bezoekers. Slechts één dorpeling zegt geen anderen te kennen. Er is ook nieuw contact. Uit de helft van alle antwoorden blijkt dat er nieuwe ontmoetingen zijn geweest. Dat gebeurde relatief veel bij de culturele activiteiten in vergelijking met eet- of sportactiviteiten. Of je cultuur nu heel beperkt definieert, zoals theater, muziek of beeldende kunst, of heel breed, zoals een oldtimershow, pubquiz of taalcursus. Tijdens al deze evenementen vonden relatief veel nieuwe ontmoetingen plaats. De activiteiten in de beperkte definitie van cultuur lijken wel een selectiever publiek te trekken, namelijk relatief veel mensen die een hbo- of wo-studie hebben afgerond. Dat geldt in het algemeen voor dit type cultuurbezoek. Voor cultuur in de brede zin en voor eet- en sportactiviteiten is dit minder het geval.
Veelbelovend concept
Wat kunnen andere dorpen leren van het verloop van deze Bloeiweek? Veelbelovend aan het concept is de potentie om vaste sociale structuren open te breken en toegankelijker te maken. Toch gebeurde dit in het dorp niet in alle gevallen. De bestaande clubs trokken immers weinig nieuwe mensen. Het enkel zichtbaar maken van bestaande activiteiten leidt niet vanzelfsprekend tot nieuwe bezoekers. Bij de pilateslessen gebeurde dit wel. Volgens de instructrice zijn er maar liefst twintig mensen vanuit de Bloeiweek ‘blijven plakken’. Interessant is daarbij te vermelden dat zij niet werkt met een ledenstructuur, maar met een strippenkaart. In die zin sluit pilates – net als andere trainingen gericht op fitness en gezondheid – meer aan bij de groeiende behoefte aan vrijblijvende deelname.
De speciaal georganiseerde evenementen waren een succes. Sommige ideeën bestonden al lang en leken enkel een geschikt moment nodig te hebben – de Bloeiweek – om tot uiting te komen. In dat opzicht kan de structuur die een Bloeiweek biedt, net dat laatste zetje geven om te realiseren wat al onder de oppervlakte leeft. Hoewel de meeste activiteiten in principe eenmalig waren, rusten ze op de bestaande sociale structuur. Het mooie aan de Bloeiweek van Kollumersweach en Feankleaster was, dat iedereen bij de informele netwerken kon aanhaken – al was het maar voor even. Wie hiervan gebruik hebben gemaakt en wie niet, en wat dit betekent voor de verbinding in het dorp, moet het vervolgonderzoek uitwijzen.
Over de auteur: Carmen van Bruggen promoveert op de rol van culturele gemeenschapsprojecten in Friese dorpen aan de Rijksuniversiteit Groningen in samenwerking met Arcadia. Het onderzoek naar de Bloeiweek van Kollumersweach en Feankleaster is een deelproject. Het gaat om een langdurige studie met drie enquêterondes en observaties. De enquêtes worden ruim voor aanvang van de Bloeiweek, net erna en twee jaar erna gehouden. De eerste twee en de observaties zijn inmiddels afgerond. Daarop is dit artikel gebaseerd. In de eerste en laatste enquête wordt het hele dorp benaderd: deelnemers én niet-deelnemers. Zo ontstaat een beeld van de impact van de Bloeiweek die voorbij gaat aan het moment en de deelnemers van de week.
Het originele artikel is te vinden op Geografie.nl.
Tijdens de Bloeiweken in Friesland organiseren dorpsbewoners samen activiteiten om van hun woonplaats een blue zone te maken, waar het fijn en gezond samenleven is.
Toolkit Bloeizones
De toolkit is gebaseerd op de rapportage “Bloeizone in Fryslân”. Het FSP heeft voor deze rapportage elf lokale Bloeizone-initiatieven geïnterviewd. Verder is er input geleverd vanuit drie focusgroepen met ambtenaren uit heel Fryslân die betrokken zijn bij het Bloeizone-concept. De interviews en focusgroepen hebben plaatsgevonden in het jaar 2022. Daarnaast is er een aanvulling met relevante literatuur, dit wordt aangegeven met een verwijzing.
In Fryslân ontstaan steeds meer Bloeizone-initiatieven, oftewel burgerinitiatieven met actieve inwoners die samen hun omgeving aanpassen om langer in goede gezondheid en welzijn te leven. Dit doen ze vanuit hun eigen perspectief en met activiteiten die aansluiten bij hun omgeving. Voor gemeenten is het ondersteunen van deze initiatieven een kans om gezamenlijk de transitie te maken naar een doe-democratie.
Deze toolkit helpt gemeenten om het gesprek te voeren met Bloeizone-initiatiefnemers en samen concrete acties te formuleren. De onderdelen bevatten actuele uitdagingen bij Bloeizone-initiatieven en praktische mogelijkheden om (gezamenlijk) het probleem aan te pakken.
De complete toolkit kan hiernaast gedownload worden. Kijk ook op Bloeit.frl voor meer over Bloei initiatieven.
Deze toolkit ‘ondersteuning bij Bloeizone-initiatieven’ helpt gemeenten bij hun werkzaamheden om Bloeizone-initiatieven te motiveren of faciliteren bij het gezonder en gelukkiger maken van hun dorp of wijk. Bijvoorbeeld door initiatieven te ondersteunen bij subsidieaanvragen of om het aanvraagproces aan te pakken. Of door het aanstellen van een centraal contactpersoon waardoor initiatiefnemers gemakkelijker in contact kunnen komen met de gemeente.
Leefbaarheidsalliantie Gelderland
Ze denken mee Hun ervaren adviseurs hebben veel kennis en een breed netwerk om jou te helpen. Zo wordt jouw idee een sterke projectaanvraag voor fondsen. Ze denken met je mee als je verder wil groeien, trekken je vlot als je vastloopt. Of ze helpen je om vrijwilligers te betrekken bij je plannen. Daarnaast organiseert de Leefbaarheidsalliantie workshops en inspirerende evenementen, zoals het jaarlijkse Zomercongres waar je anderen kunt ontmoeten en van elkaar kunt leren. In deze video vertellen ze precies hoe dat werkt: Wat is de Leefbaarheidsalliantie?
En dat kost niets?
De provincie Gelderland vindt verbondenheid tussen mensen in hun buurt of dorp belangrijk. Daarom krijgt de Leefbaarheidsalliantie subsidie om inwoners te helpen.
Ze hebben al duizenden initiatieven verder kunnen helpen.
Ben jij bezig om de leefbaarheid in jouw buurt of dorp te verbeteren? Of heb je een idee over hoe je dat wilt gaan doen? Bijvoorbeeld met een buurttuin, koken voor ouderen of het opzetten van een wijkvereniging? Dan kun je gratis terecht bij de Leefbaarheidsalliantie voor advies.
Vereniging Aardehuis
UITGANGSPUNTEN HIERBIJ ZIJN:
waar mogelijk (her)gebruik van lokaal aanwezige restmaterialen, grondstoffen en natuurlijke processen en diensten
waar mogelijk zelfvoorzienend in energie, watervoorziening en -zuivering
onderlinge solidariteit draagt bij aan een grotere veerkracht
het samen wonen bevordert delen van voorzieningen en spullen
onderling respect en geweldloze communicatie geven de kaders voor vrijheid van ieder individu
sociocratie is het besluitvormingsmodel
de ervaringen en kennis die we opdoen over bouwen en wonen in een aardehuiswijk, delen we actief
Inmiddels zijn de woningen gebouwd. Ontdek meer over dit bijzondere en inspirerende project op Aardehuis.nl.
Een ecologische wijk van zelfvoorzienende aardehuizen waarbij alle aspecten van duurzaamheid in onderlinge samenhang met elkaar in balans zijn.
Wedde Dat ’t Lukt
Dit wordt gerealiseerd door informele- en formele zorg met elkaar te verbinden.
Wedde dat ’t lukt is een bottum-up project; van de dorpen, voor de dorpen en door de dorpen en werkt met een dorpsondersteuner. Deze signaleert, adviseert en weet verbindingen te leggen tussen verschillende mensen en/of organisaties
Om de dorpen hun eigen identiteit te laten behouden, hebben de inwoners hun eigen slogan bedacht “Wedde dat ’t lukt”, “In Veelerveen sta je niet alleen” en “In Vriescheloo doen we het zo”.
Lees meer over dit bijzondere project op de website.
Stichting Wedde dat ’t lukt zorgt ervoor dat inwoners van Wedde, Wedderveer, Veelerveen en Vriescheloo binnen de gemeente Westerwolde op een goede en aangename wijze zolang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen.
Woldwijk
Het gebied dat in eigendom van de gemeente Groningen is, is ongeveer 39 hectare groot. Het gebied is in 2007 aangekocht door de gemeente Ten Boer, maar werd als gevolg van de financiële crisis en de daarop volgende woningbouwcrisis niet ontwikkeld als woningbouwlocatie. Daarom werd de grond verpacht voor agrarisch gebruik en een deel was en is in gebruik als tijdelijke locatie voor Innersdijk. Het gemeentebestuur van de voormalige gemeente Ten Boer wilde in 2014 graag bespreken welke andere mogelijkheden er waren voor het gebied.
Tegenwoordig wonen er op Woldwijk meer dan 60 volwassenen en meer dan 10 kinderen. Een levendige gemeenschap van zeer uiteenlopende mensen. Maar met één gedeeld verlangen: het ánders doen. Bewuster, zuiniger, rustiger, dichter bij de natuur, met minder spullen, meer samen. Dat gaat met vallen en opstaan en soms met kleine stappen. En het kost soms veel moeite. Maar in de loop van de jaren is een bloeiende gemeenschap ontstaan die een inspiratiebron wil zijn voor Ten Boer en de rest van de wereld.
Woldwijk is een gebied voor anders wonen, werken en leven. Woldwijk wordt beheerd door een coöperatie met een aantal leden. Dat zijn drie woongebieden, Tiny House Woldwijk, StaatjeVrij en Landjegoed, de Energiecoöperatie Ten Boer en de twee agrariërs die het agrarisch deel pachten. Daarnaast staat op het terrein een boerderij uit de 19e eeuw, een gemeentelijk monument.